| |
De maçonnieke methode is gebaseerd op het gebruik van symbolen
en rituelen. Verder zorgt een tuchtvolle sfeer in de werkplaats voor een serene gedachtenwisseling
die het arbeiden aan zichzelf bevordert.
Het gebruik van rituelen en het symbolisme
is tevens de band tussen de verschillende obediënties. Het vergt enige
tijd om het te begrijpen.
De vrijmetselarij gebruikt symbolen, maar laat aan haar leden de vrijheid er een eigen
betekenis aan te hechten.
Alhoewel er algemene richtlijnen daaromtrent bestaan, toch wordt nimmer een bepaalde interpretatie
opgedrongen. De rijkdom van het symbolisme vloeit voort uit het feit dat beelden en gebaren
kunnen begrepen worden volgens mentaliteit, intellectueel peil, persoonlijke ervaring van eenieder
en volgens sociale groep, tijdsomstandigheden en plaats.
Het symbolisme is van alle tijden en van overal;
het spoort aan tot nadenken en dwingt tot bezinning en overweging.
Aldus sporen de filosofische en morele overpeinzingen aan tot de vorming van de leden.
Met die kennis werkt de maçon in op de buitenwereld, om er het maçonnieke ideaal te verwezenlijken namelijk
het streven naar een betere samenleving.
De waarden
De inrichtende Constituties van de Moderne
Vrijmetselarij leggen de grondslagen van een ethiek, die gekenmerkt wordt door
verdraagzaamheid. Wat de godsdienstige overtuiging betreft verlangen de
Constituties niets meer dan dat:
"De vrijmetselaars zich zouden houden aan die levensregels, waarover alle
weldenkende en welvoelende mensen het eens zijn, terwijl ze elkeen zijn
bijzondere opvattingen laat."
Anders gezegd, de vrijmetselaars moeten allen
eerlijke en rechtschapen mensen zijn, mensen van eer en geweten, welke ook de
bijzondere meningen of overtuigingen mochten zijn die ze van elkaar onderscheiden.
Aldus wordt de vrijmetselarij een middel van eendrachtig samenzijn, door oprechte vriendschap te smeden
onder de mensen die anders nooit tot elkaar zouden gekomen zijn.
Maar verdraagzaamheid betekent noch onverschilligheid noch afstand doen van
eigen opvatting, Charles Graux schrijft hierover het volgende:
"Verdraagzaamheid is geen synoniem voor aarzeling
noch voor gebrek aan beginselvastheid en evenmin voor schuchterheid of vaagheid
in de uitdrukking van zijn overtuiging. Indien dit zo was, dan zou zulks
neerkomen op een gemis aan principes of aan durf om ze te bekennen en te
verdedigen. Verdraagzaam zijn, betekent niet het blindelings eerbiedigen van om
het even welke mening van gelijk wie. Niemand kan eerbiedigen hetgeen men als
verkeerd aanziet, hetgeen men veroordeelt, bestrijdt en desnoods poogt te
vernietigen.
Verdraagzaamheid zorgt voor de eerbiediging van de persoon en de vrijheid van de
medemens. Ze laat evenwel toe dat ieder zijn eigen overtuiging vrij naar voor
kan brengen. Ook al mocht een verschil in zienswijze als eens aanleiding geven
tot elkaar bekampen, dan zullen belediging en vervolging vermeden worden en staat
verzoenen centraal."

De internationale Gemengde Vrijmetselaarsorde "Le Droit Humain"
vraagt aan haar leden, mannen en vrouwen te zijn die vooreerst
zichzelf goed leren doorgronden, om nadien eerlijk te kunnen omgaan met al
degenen die hun ideaal delen.
De vrijmetselaar beaamt volgende gedachte van Saint Exupéry:
"Indien gij anders zijt dan ik ben, ver van mij te
schaden, verrijkt gij mij."
Voor de Vrijmetselaars is de gewetensvrijheid een
grondbeginsel.
Ze berust op de vrijheid, die de persoonlijke onafhankelijkheid waarborgt; en op
de gelijkheid, die aan allen de vrije mening van overtuiging toelaat.
Verdraagzaamheid noch vrijheid kunnen bestaan zonder gelijkheid.
De 'gelijkheid' is niet alleen een gelijkheid van rechten, maar ook een gelijkheid
van personen. Ieder wordt erkend en aanvaard met de kenmerken, die
hem tot een enig wezen maken.
In de loge wordt geen enkel onderscheid gemaakt, noch wat intellectuele
begaafdheid, noch wat sociale stand betreft. De verhouding onder elkaar,
steunend op gelijkheid en broederlijkheid, bevordert in de Loge de gedachtenwisseling
met vrij denkende en vrij sprekende mensen. De broederlijkheid
vloeit voort uit het ideaal van gelijkheid; maar ze is ook de taal van het hart.
De vrijmetselaar is immers een wezen dat niet enkel met verstand begaafd is,
doch ook met gevoel. Zijn affectief leven is even rijk en waardevol als zijn
intellectueel leven.
De idealen van Vrijheid, Gelijkheid en Broederlijkheid tot alle mensen uitgebreid,
verklaren het verlangen van alle vrijmetselaren naar rechtvaardigheid en hun
geloof in het gemeenschappelijk streven naar vooruitgang.
Maar vrijmetselaars zijn geen heiligen. Sommigen treden toe om louter opportunistische
redenen en schromen zich niet voor het aanzetten tot gekonkel en hypocrisie.
Kortom, zoals alle andere gemeenschappen ontsnapt ook de vrijmetselarij niet aan de normale verdeling.
Op twee sigma van het gemiddelde liggen ook bij ons de uitzonderingen: rechts de voorbeelden en links de
snoodaards...
Wilt U iets vragen aan een vrijmetselaar? Ga gerust uw gang.
|